donderdag 18 juni 2015

Minestrone

Vandaag toch maar de stoute schoenen aangetrokken en mijn favoriete minestrone van voor het FODMaP-beperkt dieet gemaakt. In aangepaste versie natuurlijk, zodat hij de soep nu wel laag is in de FODMaPs.

En voor erbij heb ik vanochtend (toen het zo winderig en kil was) broodjes gebakken. Lekker brooddeeg kneden met mijn tweejarige dochter, omdat er buiten toch niets aan was. Zie hier voor het recept van de bolletjes.
N.B. Eet niet teveel van het brood als je niet veel spelt verdraagt. De voorgeschreven hoeveelheid per keer is 100 g (om de FODMaPs te beperken).

O ja, in de soep gaat ook een stuk korst van grana padano of parmezaanse kaas. Dit idee heb ik afgekeken bij Jolande Burg (in haar kookboek La Vita è Bella, Italiaans vegetarisch). Het lijkt vreemd om de korst te gebruiken, maar het geeft meer smaak en ook diepte aan de soep. Gewoon doen dus! Voor mijn eigen gemoedsrust spoel ik de korst voor gebruik eerst even af onder heet water.
Mocht je al weten dat je paddestoelen verdraagt, dan kun je aan de soep ook 25 g gedroogde porcini toevoegen. Heerlijk! Ik heb het nu niet gedaan, want hoe lekker het ook is, het leidt bij mij tot buikpijn.

Minestrone

voor 4 personen

Ingrediënten
1 prei (alleen het groene deel i.v.m. de FODMaPs)
2 wortels
4 stengels bleekselderij
2 rode paprika's
2 aubergines
2 blikken gepelde tomaten
1 tl gedroogde basilicum
1 tl gedroogde tijm
bosje peterselie
2 laurierblaadjes
1 groentebouillonblokje
1 el knoflook-chili-olie
stuk kaaskorst van parmezaanse kaas of grana padano
evt. 100 g pasta (van maïsmeel)


Bereiding
1. Maak de groenten schoon en schil de wortels, bleekselderij en aubergines. Snijd alles in kleine stukjes.
2. Verhit een soeppan met de knoflook-chili-olie en bak de groenten ongeveer 8 minuten, tot ze zachter, geslonken en licht gekleurd zijn. Voeg na een paar minuten de tijm en basilicum toe, zodat ze ook verwarmd worden en heerlijke geuren (en hopelijk ook smaakstoffen!) afgeven.
Snijd intussen de gepelde tomaten in stukjes (gaat handig m.b.v. een vork en een mes, dan hoef je de tomaten niet met de hand vast te houden).
3. Voeg de gesneden tomaten, het bouillonblokje, de laurierblaadjes, versgemalen zwarte peper en 4 dl water toe en roer door elkaar. Spoel de kaaskorst onder heet water af en laat hem in de soep glijden.
Breng de soep aan de kook en laat hem afgedekt minstens een half uur zacht borrelend koken. Mocht je er pasta aan toe willen voegen: roer deze dan 15 minuten voor serveren toe, zodat de pasta in de soep kan garen.
4. Proef de soep en breng zo nodig op smaak met extra zout, peper en een scheutje goede balsamico-azijn (dat geeft diepte en een zoetje aan de soep!) en basilicumolie toe.

Eet smakelijk!

maandag 8 juni 2015

Italiaans gekruide bollen of stokbrood van wit en volkoren deeg

Bij mijn zwager at ik wel eens heel lekker, luxe brood met zongedroogde tomaten en artisjokken erin, dat bestond uit twee soorten deeg: wit en volkoren. Ik wilde het al een hele tijd namaken, ware het niet dat ik gewoon geen zin had om twee soorten deeg te maken...
Tot nu toe. De broodjes zijn FODMaP-proof, dus zonder artisjokken en van speltbloem en -meel. Ik heb de twee soorten deeg elk een andere smaak gegeven: het witte deeg heb ik met kaas op smaak gebracht en het volkorendeeg met zongedroogde tomaten en basilicum.


Als je zulke broodjes in de winkel koopt, ziet het volkoren deel er veel donkerder uit dan het witte deel. Niet omdat volkorendeeg van nature bruin is, maar omdat ze een broodverbetermiddel aan het deeg toevoegen (moutmeel). Die zorgt voor een donkere kleur en meer elasticiteit (grotere rijskracht) van het deeg. Ik doe dat niet, dus bij mij is het kleurverschil veel kleiner. Zo klein zelfs, dat het op de foto nauwelijks te zien is (en dat is wel weer jammer!).

Wij hebben deze broodjes gegeten bij soep, heerlijk! Of voor bij de courgettebeignets. Ik bak ze zeker nog een keer, maar dan maak ik een dubbele hoeveelheid deeg (is evenveel werk) én in de vorm van gedraaide stokbroden. Daarvan vries ik dan gewoon een deel in voor een volgende keer!

O ja, als je net als ik gevoelig bent voor spelt (want ook hierin zitten -zij het beperkt- FODMaPs) eet dan niet teveel hiervan. In ruime mate delen met je gezin of anderen levert veel blije gezichten op!

Bollen of stokbrood van twee soorten deeg

voor 6-8 personen

Ingrediënten
voor het witte deeg
200 g speltbloem
50 g havermout
75 g geraspte grana padano of oude kaas
1 el suiker
1/2 tl gist
3/4 tl broodzout
1 el extra vierge olijfolie
125 ml lauwwarm water

voor het volkoren deeg
150 g speltvolkorenmeel
75 g speltbloem
25 g havermout
1 el suiker
1/2 tl gist
3/4 tl broodzout
1 el basilicumolie
6 zongedroogde tomaten op olie
125 ml lauwwarm water

Bereiding
1. Los voor beide deegrecepten de gist op in het handwarme water samen met de suiker. Laat dit ongeveer 10 minuten staan, tot de gist tot leven komt (je ziet een licht schuimend effect).
Doe alle droge ingrediënten voor het witte deeg in een kom, roer door elkaar en giet de olijfolie en het water met de gist erbij. Kneed dit alles in ongeveer 8 minuten tot een elastisch deeg. Vorm het deeg tot een bol. Doe dit ook voor het andere deeg, maar voeg de zongedroogde tomaten pas toe als je van de rest van de ingrediënten een soepel deeg hebt gekneed. Kneed de tomatenstukjes er dan voorzichtig door.
2. Giet wat olie in twee kommen en wentel het deeg erdoor. Sluit de kommen af door er een vochtige theedoek overheen te hangen of door er bv. een bord op te zetten (niet hermetisch afsluiten!) en zet de kom gedurende één uur op een warme plaats (bv. op zolder; 25 graden is ideaal) zodat het deeg kan rijzen. Het deeg zal in die tijd ongeveer verdubbelen in omvang.
3. Zet na de eerste rijstijd de bakplaat met een vel bakpapier erop klaar. Druk de lucht uit de deegbollen en verdeel beide bollen in 8 stukken. Vorm de stukken tot worsten en draai telkens een stuk van beide deegsoorten om elkaar heen en vorm er daarna een ronde bol van.
Als je liever een gedraaid stokbrood wilt, verdeel je beide deegbollen in twee stukken waar je vervolgens worsten van vormt. Door de worsten van beide deegsoorten om elkaar heen te draaien vorm je stokbroden.
Leg de broden op de bakplaat, laat ruimte om de broden vrij voor het rijzen en laat het deeg op een warme plaats opnieuw rijzen: 30 tot 45 minuten is voldoende.
4. Schakel de oven in op 225 graden (stand boven- en onderwarmte) en bak het brood in 12-15 minuten gaar, net onder het midden van de oven. Laat het brood buiten de oven iets afkoelen en serveer het warm.

Eet smakelijk!

Courgettebeignets met munt

Enige tijd geleden stond in het tijdschrift delicious. een aantal alternatieve (ham)burgerrecepten. Geïnspireerd hierdoor heb ik deze FODMaP-vrije courgettebeignets gemaakt. Erg lekker!

Je kunt het recept ook glutenvrij maken. Ik heb beide varianten gemaakt en lekker bevonden. Om de hoeveelheid FODMaPs te beperken, kun je als je hier brood bij eet, het beste gekookte rijst gebruiken in plaats van broodkruim. Als je niet of minder gevoelig bent voor spelt, dan kun je gerust broodkruim gebruiken.

De beignets zijn lekker met een groene salade en met wat brood. Zelf blijk ik nogal gevoelig te zijn voor (te veel) spelt. Eén keer per dag speltbrood kan, maar meer niet (of incidenteel). Ik eet deze beignets dus met veel groenten erbij. Is ook lekker!

Courgettebeignets

4 personen

Ingrediënten
1 courgette
3 takjes verse munt
75 g feta, verkruimeld
75 g grana padano, geraspt
40 g zonnebloempitten
40 g rijstemeel (of evt. speltbloem of maïsmeel)
80 g broodkruim van speltbrood of gekookte rijst
1 el chili-knoflookolie
1 el basilicumolie of 1 el gedroogde basilicum
2 eieren
1/4 tl bakpoeder
zout, versgemalen zwarte peper

Bereiding
1. Rasp de courgette grof en doe in een ruime kom. Voeg alle andere ingrediënten hieraan toe en roer goed door elkaar.
2. Verhit een koekenpan met wat olie en schep drie bergjes van het "beslag" in de pan en druk ze plat. Bak ze een paar minuten op halfhoog vuur, tot ze enige stevigheid hebben gekregen. Draai ze voorzichtig om met een spatel en bak ook deze kant in een paar minuten gaar en goudbruin. Houd ze warm in de oven of onder aluminiumfolie, terwijl je de overige beignets bakt.
Uit het beslag haal je ongeveer 8 stuks.



Aardbeientaart


Nu er weer aardbeien zijn, heb ik geëxperimenteerd met aardbeientaarten en met aardbeienijs. Vandaag geef ik het recept voor aardbeientaart met bodem van korstdeeg ("harde wenerdeeg"), daarover een laagje pure chocolade, gele room en afgedekt met aardbeien. Lekker en natuurlijk laag in de FODMaP's!

Je kunt met de taart een dag tevoren beginnen door de bodem te bakken, deze te bestrijken met chocolade en gele room. Op de dag of het moment zelf hoe je alleen de aardbeien nog schoon te maken en erop te leggen.

Serveer de taart met mes en vork, want de bodem is lekker krokant!


Aardbeientaart met gele room


Ingrediënten
voor de bodem
200 g speltbloem
130 g margarine
70 g fijne suiker
1 losgeklopt ei
snuf zout

voor de gele room
5 dl lactosevrije halfvolle melk
6 eidooiers
3 el suiker
2 el maïzena
1 vanillestokje of 1 tl vanille-extract

en verder
100 g pure chocolade
500 g aardbeien
(gekartelde) vorm met een diameter van 24 cm

Bereiding
1. Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius (stand onder- en bovenwarmte). Kneed voor de bodem een deeg van alle ingrediënten. Kneed niet te lang, want daar wordt het deeg taai van in plaats van bros. Het gemakkelijkste gaat dit natuurlijk in een keukenmachine.
Vet de vorm in met wat gesmolten margarine en stort het deeg op de bodem. Verdeel het deeg met vochtige vingers (gaat het plakken tegen) over de bodem en tegen de rand en druk het glad. Bak het deeg in het midden van de oven in ongeveer 15 minuten goudbruin en laat het buiten de oven afkoelen.
2. Breek de chocolade in stukjes, doe ze in een schaaltje en zet dit in de nog warme oven. Als de chocolade gesmolten is (duurt ongeveer 10 minuten), strijk je het m.b.v. een kwast, lepel of mes over de taartbodem en tegen de rand. Zet de bodem in de koelkast zodat de chocolade uithardt.
3. Breng voor de gele room de melk aan de kook. Draai het vuur onder de hete melk uit en laat het vanillestokje erin glijden. Laat de smaken minimaal 15 minuten in de melk trekken. Snijd hierna het vanillestokje open, schraap de zaadjes uit de peul en doe ze in de melk. Roer ze even goed los.
Gebruik je geen vanillestokje maar vanille-extract? Klop het extract dan bij stap 4 samen met de eidooiers op.
4. Neem een kleinere kom en kluts de eidooiers met de suiker en de maïzena lichtgeel. Verwarm de melk en giet een deel bij de dooiers. Roer goed door en giet het in de pan bij de achtergebleven melk. Verwarm de "vla"onder voortdurend roeren. Hoe warmer het wordt, hoe meer het bindt. Laat de room even bubbelen en draai dan het vuur uit. Schenk de room in een schone kom en dek hem af met vershoudfolie (leg het echt op de room, dit gaat de vorming van een vel tegen).
Als de room is afgekoeld tot kamertemperatuur, schep je hem in de taartbodem. Even gladstrijken en laten opstijven in de koelkast.
5. Maak de aardbeien schoon en verdeel ze over de taart. 

Eet smakelijk!

Voor dit recept heb ik een aangepaste versie van de banketbakkersroom gebruikt (klik hier voor het recept). De banketbakkersroom was net iets te dun voor deze toepassing. Als je de gele room dus voor iets anders wilt gebruiken, kun je afhankelijk van het doel, ook even naar het basisrecept kijken.










dinsdag 24 maart 2015

Aardappelgratin


Aardappelgratin is natuurlijk een klassiek gerecht, dat heerlijk is én blijft! Je kunt het snel maken als je wilt (en rommelig) of je kunt er veel werk van maken en dan is het mooi en nog lekkerder. Hierbij het recept (passend binnen het FODMaP-beperkt dieet) dat meer werk vergt, mét tips om er de snelle variant van te maken.

Overigens: meer werk betekent niet dat het moeilijk is! Qua handelingen is het een makkelijk recept. Een geruststelling?




Aarda
ppelgratin

voor 4 personen (of meer)

Ingrediënten
750 g geschilde aardappelen
1,5 dl lactosevrije slagroom
1 dl lactosevrije melk
100 g grana padano
zout, versgemalen zwarte peper
versgemalen nootmuskaat

Bereiding
1. Schil de aardappelen en schaaf ze in dunne plakken. Met een mandoline gaat dat snel en gemakkelijk.
2. Vet een ovenschaal in met wat olie en meng de melk en slagroom in een kannetje. Breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
Stel de oven in op 175 graden Celsius (boven- en onderwarmte).
3. Leg de aardappelplakjes dakpansgewijs en in verschillende lagen in de schaal. Rasp er na elke laag een beetje grana padano overheen en giet er een klein beetje van het roommengsel over.
Dek de laatste laag aardappelplakjes af met het restant room (dat mag veel zijn) en flink wat kaas. Zie de onderste foto.
4. Schuif de schaal in onderin de oven en bak de gratin in 60-70 minuten gaar en mooi bruin. Controleer af en toe of de gratin niet te donker wordt en dek zo nodig af met aluminiumfolie.

Tips voor een snelle variant 
Als je de snelle variant (minder werk) ambieert dan kun je de aardappelplakjes ook zo in de schaal storten en een beetje afplatten en vervolgens de room en de kaas erover verdelen. Ook kun je voor een tussenvariant gaan waarin je wel laagjes aardappel en room/kaas afwisselt, maar waarin je dat ook wat minder precies aanpakt.
 Als je wilt dat het gerecht sneller op tafel staat, dan kun je de aardappelplakjes kort koken (afhankelijk van de dikte 2-4 minuten) voor je ze in de schaal stort.

Polentakoekjes met sinaasappel en cranberries



Dit zijn heerlijke, cake-achtige koekjes. Ik geef bewust een klein recept, zodat je er niet teveel van kúnt eten, anders levert het weer buikpijn op (vanwege de gedroogde cranberries)... Ofwel: geniet gerust, maar wel met mate van deze heerlijke sinaasappelkoekjes met cranberries!

In dit recept gebruik ik kokosolie of de vloeibare margarine van Healthy Planet. Beide geven een goed resultaat. De kokosolie is bij kamertemperatuur hard, dus die zorgt ervoor dat de koekjes goed opstijven. Je kunt desgewenst ook andere plantaardige margarine gebruiken, al vind ik wel dat bovengenoemde soorten vet de beste smaak geven.


Lekker voor bij de thee!




Polentakoekjes met sinaasappel en cranberries

voor 14 stuks

Ingrediënten
30 g gedroogde cranberries
1 el suiker
60 g kokosolie of vloeibare margarine van Healthy Planet
50 g fijne suiker
1 ei
75 g maïsbloem
45 g speltbloem
1/2 tl bakpoeder
1 el pijnboompitten
1 sinaasappel



Bereiding
1. Rasp de schil van de sinaasappel boven een kom (hier komen straks de overige natte ingrediënten in) en pers de sinaasappel uit. Verwarm het sap met 1 el suiker totdat de suiker is opgelost en draai het vuur uit. Hak de cranberries in kleinere stukjes (zo heb je er minder van nodig) en voeg ze toe aan de siroop. Laat de besjes ongeveer 2 uur weken in de siroop.
2. Verwarm de oven op 175 graden Celsius (boven- en onderwarmte) en bekleed een bakplaat met bakpapier (of gebruik een siliconenmatje voor koekjes van bijvoorbeeld Lekué - ideaal). 
3. Kluts het ei in de kom met het sinaasappelrasp samen met de suiker. Voeg de kokosolie (eerst even smelten!) of de vloeibare margarine toe en roer goed door. Schep de cranberries uit het weekvocht (niet weggooien!!!) en voeg ze samen met de overige ingrediënten toe aan het eimengsel en roer tot het een homogeen beslag is geworden.
4. Schep ongeveer 14 bergjes van dit beslag op de bakplaat (met voldoende tussenruimte, want ze lopen nog uit!) en bak de koekjes in 12-14 minuten gaar (net onder het midden van de oven). Laat ze even afkoelen en bestrijk de koekjes dan met het weekvocht dat je nog over hebt. 



Fambozen- sinaasappelmuffins met amandel

Frisse muffins met amandelschaafsel: het voorjaar in je mond! Lekker voor bij de thee of... voor bij het paasontbijt! Door het amandelschaafsel erop en het amandelextract in de muffins mis je het paasbrood met amandelspijs helemaal niet meer. (Nou ja, kwestie van genieten van wat je hebt, wat mij betreft.)



Deze muffins voldoen ondanks de amandelen die erin en erop zitten wél aan het FODMaP-beperkt dieet. Het is zo weinig dat je gerust van een muffin kunt genieten! Met het dieet mag je ongeveer 10 amandelen per dag eten (dat is 12 gram) en per muffin krijg je maximaal 8,3 gram amandelen binnen.
Mocht je het toch met minder amandelen willen doen, dan kun je de 50 g gemalen amandelen vervangen voor 50 g speltbloem, 50 g havermout (wel 20 minuten laten weken in het vocht voordat je dat bij de droge ingrediënten doet) of 40 g kokosmeel.

Bij Dille en Kamille kun je in kleine flesjes extract kopen van o.a. vanille en amandel. Puur natuur (niet nagemaakt) en dat proef je! En als je daar toch bent... ze verkopen leuke papieren bakjes voor muffins en cakejes. Een eerdere versie van deze muffins heb ik gemaakt in deze bakjes met kuikens, heel leuk. Alleen... na het bakken was het plaatje niet meer te zien. Ik denk dat je er twee per muffin in moet doen, dan zul je de afbeelding wel blijven zien. Voor het echte lentegevoel!


O ja, als je deze voor het paasontbijt wilt maken, zet je de avond van tevoren de natte en droge ingrediënten alvast gemengd en al klaar. De volgende ochtend hoef je alleen nog de frambozen door de droge ingrediënten te scheppen, de natte en de droge te mengen, de vormpjes te vullen en bakken maar! In de tussentijd kun je de tafel dekken, of wat ook. Die 25 minuten zijn zo voorbij!


Frambozen-sinaasappelmuffins met amandel

voor 12 stuks

Ingrediënten
225 g speltbloem
50 g amandelmeel of fijngemalen amandelen
3 tl bakpoeder
120 g witte basterdsuiker
snufje zout
2 grote eieren
150 ml lactosevrije yoghurt
90 ml zonnebloemolie
1/2 tl amandelextract
150 g frambozen (uit de vriezer)
rasp van 1 sinaasappel
50 g amandelschaafsel

Bereiding
1. Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius (boven- en onderwarmte) en zet papieren vormpjes in een muffinvorm.
2. Meng in een grote kom de droge ingrediënten door elkaar: bloem, suiker, amandelmeel, basterdsuiker en zout. Schep hier daarna de bevroren frambozen doorheen, zodat er een laagje bloem op zit. Dit helpt te voorkomen dat ze tijdens het bakken naar beneden zakken. Haal de aan elkaar bevroren frambozen van elkaar.
3. Rasp boven een andere kom de schil van de sinaasappel. Meng hier de natte ingrediënten doorheen: eieren, yoghurt, zonnebloemolie, het amandelextract én 1 dl water.
4. Schep de natte door de droge ingrediënten en vul de vormpjes met het beslag. Strooi op elke muffin wat amandelschaafsel en schuif de muffins onderin de oven. Bak ze in 25-27 minuten gaar en goudbruin.

Eet smakelijk!